
Dit idee is van toepassing op alle gedachten waarvan je je bewust bent, of tijdens de oefenperioden bewust wordt. De reden dat dit idee op alle gedachten van toepassing is, is dat ze niet jouw werkelijke gedachten zijn. We hebben dit onderscheid al eerder gemaakt en zullen dit nog vaker doen. Je hebt vooralsnog geen basis voor vergelijking. Wanneer je dat wel hebt, zul je er niet aan twijfelen dat wat je eens voor je gedachten hield, niets betekende. Dit is de tweede keer dat we een dergelijk idee gebruiken. De vorm is alleen een beetje anders. Ditmaal wordt het idee ingeleid met ‘Mijn gedachten’ in plaats van ‘Deze gedachten’, en wordt er niet een nadrukkelijk verband gelegd met de dingen om je heen. De nadruk ligt nu op het gebrek aan werkelijkheid van wat jij denkt dat je denkt. Dit aspect van het correctieproces begon met het idee dat de gedachten waarvan je je bewust bent betekenisloos zijn, eerder buiten je zijn dan in je; en vervolgens werd er de nadruk op gelegd dat hun status eerder van het verleden dan van het heden is. Nu benadrukken we dat de aanwezigheid van deze 'gedachten' betekent dat je niet denkt. Dit is enkel een andere manier om onze eerdere bewering te herhalen dat je geest in werkelijkheid leeg is. Dit erkennen is het erkennen van het niets, wanneer je denkt dat je het ziet. Als zodanig is het de voorwaarde voor visie. Sluit je ogen voor deze oefeningen, en leid ze in door het idee voor vandaag heel langzaam voor jezelf te herhalen. Voeg er dan aan toe: Dit idee zal helpen me te bevrijden van alles wat ik nu geloof. De oefeningen bestaan, evenals voorheen, uit het onderzoeken van je geest op alle gedachten die tot je beschikking staan, zonder selectie of oordeel. Probeer elke vorm van rangschikking te vermijden. In feite zou je je kunnen voorstellen, mocht je dat behulpzaam vinden, dat je een zonderling samengestelde stoet voorbij ziet trekken, die weinig of geen persoonlijke betekenis voor je heeft. Zeg bij elke gedachte die door je geest heen gaat: Mijn gedachte over ______betekent niets. Mijn gedachte over ______betekent niets. De gedachte van vandaag kan duidelijk dienen voor elke gedachte die je op enig ogenblik van streek maakt. Tevens worden vijf oefenperioden aangeraden, die elk niet meer dan ongeveer één minuut van onderzoek van je geest bevatten. Het valt niet aan te raden dit tijdsbestek te verlengen en het moet tot een halve minuut of minder worden teruggebracht wanneer je onbehagen voelt. Maar denk eraan het idee langzaam te herhalen voor je het specifiek toepast, en er ook aan toe te voegen: Dit idee zal helpen me te bevrijden van alles wat ik nu geloof. Dagboek De wereld die je ziet is wat jij haar gegeven hebt, niets meer dan dat. Maar ook al is ze niet meer dan dat, ze is ook niets minder. Zoals een mens denkt, neemt hij waar. Probeer daarom niet de wereld te veranderen, maar kies ervoor jouw gedachten over de wereld te veranderen. -Tekst, Hoofdstuk 21
|